
>UvA-alumnus publiceert onderzoek naar mond-tot-mondreclame via internet.
>Opvallend is de manier waarop zijn onderzoek via mond-tot-mondreclame de media binnenkomt.
De aandacht voor mond-tot-mondreclame is de afgelopen jaren explosief gegroeid, met name door de nieuwe mogelijkheden die word-of-mouthreclame (WoM) via internet biedt; de talloze sociale netwerken als Hyves, Facebook, YouTube en Twitter vormen een speelveld voor marketingstrategieën. Boris Nihom deed tijdens zijn studie communicatiewetenschappen en filosofie aan de UvA onderzoek naar de basis van positieve WoM en dan vooral naar hoe de commerciële wereld zou kunnen inspelen op deze effectieve vorm van reclame.
De centrale vraag van zijn onderzoek was: ’Is WoM te coördineren en zo ja, hoe?’ Onlangs herschreef hij zijn proefschrift naar de SWOCC -publicatie ‘Moet je horen, een onderzoek naar de basis van positieve word-of-mouth’. De factoren die bedrijven volgens Nihom zouden kunnen sturen zijn zaken als tevredenheid, onderscheidendheid en merkrelatie. WoM kan op gang worden gebracht via een trucje als viral advertising: het binnendringen op bestaande sociale netwerken met boodschappen om de naamsbekendheid te vergroten. Adverteerders moeten er volgens hem wel rekening mee houden dat in dat geval de doelgroep vooral de truc met elkaar bespreekt, niet het merk zelf. Een verkeerd merkenbeleid gaat erg snel ten koste van positieve WoM.Wat vooral opvalt aan Nihoms publicatie en presentatie is het aanvankelijke gebrek aan publiciteit rondom dit onderzoek. Na enkele tweets en blogposts pikt de media het toch op. Is het gebrek aan het spammen van WoM-communicatielijnen een foutje van Nihom, of een hele slimme strategie? Eén ding is zeker, het werkt. (AK)
Ingedeeld in: Studenten, Nieuws,
Geplaatst op 07-05-2009 12:56
Gerelateerde artikelen

















Collegevoorzitter Karel van der Toorn is opeens opgestapt. Wie moet hem opvolgen?
