
>Hoogleraar Susan Bögels verwachtte voorafgaand aan het onderzoek dat de invloed van de vader sterker zou zijn dan de invloed van de moeder. Die verwachting kwam niet uit.
>Vader speelt wel belangrijkere rol bij kinderen die van zichzelf al erg angstig zijn.
De rol van de moeder in sociale situaties is over het algemeen belangrijker voor het gedrag van kinderen dan die van de vader, zo blijkt uit onderzoek van hoogleraar orthopedagogiek Susan Bögels. Alleen bij sociaal angstige kinderen is het gedrag van de vader van meer invloed. De resultaten van dit experimentele onderzoek zijn gepubliceerd in The Journal of Child Psychology and Psychiatry.
Voor het onderzoek werden 144 kinderen met sociaal ambigue situaties geconfronteerd, waarbij zij zich in de aan hen voorgestelde scenario’s moesten inleven. Dat ging bijvoorbeeld over hoe ouders zich gedragen op een feestje: verlegen en teruggetrokken of juist uitbundig en extravert. De kinderen moesten daarna aangeven hoe veilig of angstig zij zich daar zelf bij voelden. Bögels: ‘Het mooie van deze methode is, dat we alle voorkomende situaties kunnen meten. Wat gebeurt er als de moeder vermijdingsgedrag vertoont of juist vol zelfvertrouwen is, en wat gebeurt er als de vader zich op een van deze manieren gedraagt?’
Bögels verwachtte voor het onderzoek dat de invloed van de vader, ongeacht de mate van sociale angst bij het kind, sterker zou zijn dan de invloed van de moeder. Volgens haar theorie heeft de vader een evolutionair bepaalde, cruciale rol in de angstontwikkeling van kinderen. Kinderen zouden zich in angstige situaties eerder richten tot de vader. Zijn reactie, angstig of juist vol zelfvertrouwen, is vervolgens bepalend voor het gedrag van het kind.
Deze theorie gaat in de experimenten niet op, althans niet voor het merendeel van de kinderen. De laag-angstige en normaal angstige kinderen richten zich voor hun social referencing meer op de moeder; alleen de hoog-angstige kinderen achten het signaal van hun vader belangrijker. ‘Achteraf kunnen we deze uitkomsten mogelijk verklaren door te constateren dat vader en moeder blijkbaar een verschillende rol hebben,’ aldus Bögels. Moeders remmen de kinderen met (te) weinig sociale angst af, terwijl vaders angstige kinderen juist stimuleren om over hun angst heen te stappen.’
Dat is een mooi mechanisme, maar er kleven ook nadelen aan. ‘Angstige moeders kunnen hun eigen angst overbrengen op hun niet-angstige kinderen doordat zij door hun kinderen als belangrijkste voorbeeld worden gezien. En als de vader van sociaal angstige kinderen zelf ook angstig gedrag vertoont, heeft dat waarschijnlijk een nóg negatievere invloed op de angstontwikkeling bij kinderen.’
De moeder lijkt dus een bepalende rol op het sociale terrein te spelen, maar hoe zit dat bij andere vormen van angst zoals oriëntatieangst (bang zijn om de weg kwijt te raken), angst voor spinnen en honden, hoogtevrees et cetera? ‘Bij deze evolutionair relevante angsten is de rol van de vader wellicht wél dominant’, denkt Bögels. De hoogleraar wil deze hypothese toetsen in haar Vici-onderzoek dat zojuist van start is gegaan. (FB/FMG)
Ingedeeld in: Wetenschap, Nieuws,
Geplaatst op 05-01-2011 11:57
Gerelateerde artikelen

















Collegevoorzitter Karel van der Toorn is opeens opgestapt. Wie moet hem opvolgen?
