
De rendementscijfers van de bachelor verschillen enorm per instelling en per opleiding, blijkt uit de eerste rendementscijfers sinds de invoering van de BaMa. De UvA zweeft rond het gemiddelde.
Van alle studenten die in 2002 rechtstreeks vanaf het vwo aan hun bacheloropleiding begonnen, kreeg 37 procent na vier jaar zijn diploma. Ongeveer evenveel studenten staan nog ingeschreven aan de universiteit en de rest is uitgevallen. Dat blijkt uit de nieuwste versie van de database Studie Keuze Informatie van onderzoekscentrum Choice.
De Universiteit Utrecht reikt zijn diploma’s verreweg het snelst uit. Van de vwo’ers die in 2002 aan een Utrechtse bacheloropleiding begonnen, was 57 procent daarmee binnen vier jaar klaar. Aan de UvA is dat aandeel een stuk kleiner, namelijk 33 procent en daarmee zit de universiteit net onder het landelijk gemiddelde van 37 procent. In Groningen heeft nog geen kwart van de studenten zijn bachelordiploma binnen vier jaar gehaald. De drie technische universiteiten kampen traditioneel met lagere rendementen, vanwege hun zware opleidingen.
De rendementen per opleiding blijken nog veel sterker te variëren. Nu is het zo dat er nog niet van elke UvA-opleiding cijfers beschikbaar zijn. Dit komt omdat de universiteit het BaMa-stelsel bij veel opleidingen pas na 2002 heeft ingevoerd. Het gaat dan bijvoorbeeld om de opleidingen psychologie, informatica, rechten en politicologie.
De rendementscijfers die wel beschikbaar zijn, lopen uiteen. Zo halen UvA-studenten hun bachelor Nederlands relatief snel. Bij de opleiding Engels daarentegen ligt het rendement op de UvA het laagst, samen met de Rijksuniversiteit Groningen. Helemaal erbarmelijk is het gesteld met het rendement van de opleiding kunstgeschiedenis; slechts 5 procent van de UvA-studenten heeft na vier jaar zijn bachelorpapiertje op zak. Ter vergelijking: in Utrecht is dat 52 procent.
De cijfers waar Choice mee werkt, komen van universiteitenvereniging VSNU. Die telt niet alle studenten mee in haar berekeningen, maar kijkt alleen naar voltijdstudenten die rechtstreeks van het vwo komen. Overigens berekent de VSNU de landelijke rendementen liever op een andere manier. De uitvallers in het eerste jaar moet je eigenlijk niet meetellen, vindt de belangenbehartiger van de universiteiten. Dan valt het rendement hoger uit. Van de studenten die zich na hun eerste jaar opnieuw inschreven, heeft 48 procent het bachelordiploma binnen vier jaar gehaald. De UvA zit met 47 procent rond dat gemiddelde. (HOP/TvdW)
Ingedeeld in: Nieuws, Kunst & cultuur,
Geplaatst op 13-09-2007 00:00
Gerelateerde artikelen

















Collegevoorzitter Karel van der Toorn is opeens opgestapt. Wie moet hem opvolgen?
