
>Hoe zouden vakhistorici moeten omgaan met de toenemende publieke belangstelling voor hun vakgebied?
>Historici Herman Beliën, Paul Knevel en Wim van der Weiden discussieerden erover in Spui 25.
‘Historici willen het grote publiek altijd te veel vertellen. Mijn ervaring in de museumwereld is dat je zoveel mogelijk moet tentoonstellen, maar dat het verhaal altijd voor gaat.’ Dit zei historicus Wim van der Weiden gisteravond in een discussiebijeenkomst in Spui 25 over de vraag hoe historici moeten omgaan met de toenemende publieke belangstelling voor hun vakgebied. Van der Weiden discussieerde met collega-historici Herman Beliën en Paul Knevel.
De drie vakbroeders waren opvallend eensgezind over hoe de complexiteit van de geschiedenis bij het grote publieke onder de aandacht kan worden gebracht, waarbij oud-directeur van verschillende grote musea Wim van der Weiden nog de meeste concessies wilde doen. Volgens Knevel – coördinator van de recent opgezette master Publieksgeschiedenis – is het voor historici juist de kunst om het hele verhaal te vertellen zonder vereenvoudigingen. ‘Nu is het zo dat veel programmamakers en boekenschrijvers het grote publiek denken te bereiken door het weglaten van jargon en voetnoten. Dat is niet nodig, zoals ook wordt onderwezen in de master.’
Knevel betoogde dat het spanningsveld tussen werken voor een klein publiek van specialisten en een groter publiek van historische leken van alle tijden is. ‘Johan Huizinga zei al dat de historicus bereid moet zijn kennis te delen, terwijl Jan Romein historici vergeleek met machinekamerpersoneel, altijd druk bezig in de archieven.’ Beliën zag de popularisering van geschiedenis, mits goed ingekaderd, niet als een verkeerde trend. ‘Ik zie publieksgeschiedenis als “geschiedenis voor velen”. Je moet niet te hoge ambities hebben bij het vertellen van een verhaal. Een mens wordt niet beter van historisch besef.’ (Tim Verlaan)
Ingedeeld in: Studenten, Wetenschap, FGw,
Geplaatst op 27-11-2009 17:51
Gerelateerde artikelen


















Moet de universiteit een nieuwe bul verstrekken aan een tot man getransformeerde oud UvA-studente?
