
Een UvA-opgraving in de buurt van Rome. Foto: Marijke Gnade.
>De opleidingen archeologie van UvA en VU onderzoeken de mogelijkheden voor toekomstige samenwerking.
>Elke opleiding apart is ‘niet groot genoeg’ voor een volledig zelfstandig bestaan, zegt hoogleraar Vladimir Stissi.
Een commissie bestaande uit UvA en VU-archeologen onderzoekt momenteel de mogelijkheid voor een samenwerking. Die zou al in 2012 haar beslag moeten krijgen. Dit zegt hoogleraar Vladimir Stissi, voorzitter van de leerstoelgroep Amsterdams Archeologisch centrum. ‘Beide groepen zijn zeer succesvol in het binnenhalen van onderzoeksfinanciering, maar zijn ook middelgrote studierichtingen binnen hun faculteit en dat laatste is een wat onhandige positie,’ zegt Stissi. ‘Je bent niet meer groot genoeg voor een volledig zelfstandig bestaan, maar te groot en ook te apart om in een groter cluster te passen’.
Het idee voor een samenwerking bestaat al langer, en de mogelijkheden zijn sinds halverwege de jaren tachtig al twee of drie keer verkend. Het idee is recentelijk weer boven gekomen bij de faculteitsbesturen en archeologen van beide universiteiten. Een samenwerking zou volgens Stissi veel mogelijkheden bieden.
De opleiding archeologie is aan de UvA onderdeel van de Faculteit der Geesteswetenschappen, aan de VU van de Letterenfaculteit. Stissi: ‘Samen staan we sterker, ook landelijk gezien. We zullen niet zo groot worden als Leiden, waar archeologie vooralsnog een eigen zelfstandige faculteit is, maar we kunnen wel verbreden en een aantrekkelijker onderwijsaanbod creëren met meer mogelijkheden dan de afzonderlijke opleidingen nu.’
De commissie die een mogelijke samenwerking onderzoekt zal begin volgend jaar een advies uitbrengen, pas daarna wordt een besluit genomen. De samenwerking zal allereerst op het ondergebied worden gerealiseerd. ‘In het verlengde daarvan is het wel logisch na te denken over een gezamenlijke locatie en organisatorische samenwerking of zelfs helemaal samengaan. Voorwaarde daarbij is wel dat samenwerking en vergroting van de efficiency niet tot een botte bezuinigingsoperatie leidt. Een zekere mate van besparing is zeker een doel van de samenwerking, maar het eindproduct moet voldoende positieve effecten hebben.’ (Bob van Toor)
Ingedeeld in: Studenten, Wetenschap, FGw, VU,
Geplaatst op 10-11-2010 20:22
Gerelateerde artikelen

















Collegevoorzitter Karel van der Toorn is opeens opgestapt. Wie moet hem opvolgen?
